'Ban de bom'
Eind jaren zeventig besloot de regering kruisraketten in Nederland te plaatsen, als maatregel tegen de dreiging van de Russen. Maar de Nederlandse bevolking ging massaal de straat op.
Nooit eerder demonstreerden zoveel Nederlanders als in de jaren tachtig. Met leuzen als ‘Ban de bom’ en ‘Raketjes zijn niet netjes’, trok bijna een half miljoen demonstranten in 1981 door de straten van Amsterdam. ‘Liever een Rus in mijn keuken, dan een raket in mijn tuin’, dreunde het overal.
![]() |
Ontwapening
Een groot deel van de wereldbevolking vond de Amerikaans-Russische wapenwedloop behoorlijk spannend en eng. Als het tot een Derde Wereldoorlog zou komen, zou alles en iedereen vergaan, was de vrees. Niet helemaal ten onrechte: beide landen hadden zulke krachtige bommen dat ze er een flink deel van de wereld mee konden vernietigen. Bovendien zou er na de inslag van de gevreesde atoombom lange tijd geen leven mogelijk zijn vanwege de radioactieve lading. Dat dit scenario niet is uitgekomen, had juist ook te maken met de gigantische vernietigingskracht van het groeiende wapenarsenaal: niemand durfde aan te vallen, uit angst voor de gevolgen.
Halverwege jaren tachtig kon Rusland de Amerikanen niet meer bijbenen: het enorme land was bijna helemaal blut. Gorbatsjov, de nieuwe leider in 1985, moest wel van koers veranderen. Hij gaf de Russen meer vrijheden en startte met de Amerikanen gesprekken over ontwapening. Het begin van het einde van de Koude Oorlog.
De raketten in Nederland waren onderdeel van een soort felle wedstrijd tussen Amerika en Rusland: beide landen investeerden steeds meer in wapens, om de ander bij te houden. Rusland richtte zijn raketten nauwkeurig op de belangrijkste Europese steden. Dat zat de NAVO niet lekker: als de Russen die raketten niet als de bliksem weghaalden, bewapenden ook de Europese landen zich met kruisraketten. Maar dat zagen de meeste Nederlanders dus niet zitten.
Het verzet tegen de raketten was zo groot dat er in Amerika een naam voor bedacht werd: ‘Hollanditis’. Toch haalden de acties uiteindelijk weinig uit. Premier Ruud Lubbers hield zijn poot stijf. Hij ging tegen de roep van de bevolking in, omdat hij wist dat Amerika en Rusland in het geheim al werkten aan een ontwapeningsakkoord. Nederland moest sterk zijn en de NAVO steunen, vond Lubbers. Tegelijkertijd hoopte ook hij stiekem dat de raketten nooit geplaatst zouden worden. Die wens kwam uit: Amerika en Rusland sloten een akkoord; de Koude Oorlog liep op zijn eind. De raketten kwamen niet naar Nederland.











